'Verfrichtlijn' EU
Naam | 'Verfrichtlijn' EU |
Status | Afgerond (2000) |
Opdrachtgever | Europese Commissie, DG Environment |
Contactpersoon |
Studie naar de mogelijkheden voor reductie van het oplosmiddelgehalte van decoratieve verven voor professioneel en niet-professioneel gebruik (bouwverven en doe-het-zelf verven). In samenwerking met verftechnologen van Enterprise Ireland in Dublin, en milieu-economen van de Universiteit van Amsterdam (het WIMM).
Er is onderzoek gedaan naar de technische mogelijkheden van oplosmiddel-reductie in decoratieve verven, naar de
reductie van de emissies van oplosmiddelen die hier het gevolg van zou zijn (EU-wijd), en de effecten die dat zou hebben op het gebied van milieu (o.a. reductie 'zomersmog') en arbeidsomstandigheden (reductie van de kans op 'OPS'). Een voorstel voor een VOS-reductieschema voor decoratieve verven (onderverdeeld in een aantal klassen) is gedefinieerd, en de kosten en baten die hieraan vast zouden zitten zijn geschat.
De resultaten van de studie zijn door DG Environment gebruikt voor het opstellen van een Europese 'Productrichtlijn' voor decoratieve verven (2004/42/EC), waarin limieten worden gesteld aan het oplosmiddelgehalte van de producten. Deze richtlijn is in april 2004 van kracht geworden. Het voornaamste doel van de richtlijn is de reductie van het milieuprobleem 'ozon op leefniveau', ofwel 'zomersmog'.
Het rapport is nog op te vragen bij IVAM.